Nog wat noten uit Boek 3 – stop niet bij Boek 1, het wordt steeds gaver! Lees, lach en leer!

1345.- Character shaming. – Over fatshaming wordt gesteld dat het door vooroordelen komt dat dikkerds minder goede banen zouden krijgen, minder vaak trouwen, minder goed onderwijs genieten, minder goede gezondheidszorg ontvangen, enzovoorts. Hm. Bij karakter-shaming is dat volgens mij ook zo. Door vooroordelen krijgen mensen met een rotkarakter minder kansen, minder vaak promotie of een lening  en minder leuke partners. Ik ben te vet, heb een rotkarakter én een verkloot ruggenmerg – poor me – kan er helemaal niks aan doen. Jawel: minder vreten, meer bewegen, vaker m’n bek houden, eens letten op het mooie in mensen (heel goed opletten dus, hihi) én revalideren. Is het niet zo dat in elke periode of cultuur, bepaalde lichaamsvormen wat enthousiaster worden bezien dan andere? Soms is dun in, soms gezet, soms dik… moeten we nu gaan juichen om obesitas, of zullen we de anorexia-klantjes weer eens toezingen?’

[Het is een feit dat knappe en aantrekkelijk ogende mensen doorgaans meer gedaan krijgen en verdienen dan de anderen, lange mannen meer dan korte, mannen met een diepere stem meer dan die met een hoge, dames die er sexy of jeugdig uitzien meer dan anderen, en dat jonge dames oudere graag wegzetten en omgekeerd, knappe meiden de minder knappe wegconcurreren enzovoorts en ‘agreeable people’ minder verdienen… leuk he, dat ge-geloof in gelijkheid…? Vooral lippendienst dat gelijkheidsgedoe – zo handelen we echter helemaal niet, we zijn allemaal bevooroordeeld, en dat gaat grotendeels buiten je bewuste geestje om (dat stukkie van je totaliteit waar je ‘ik’ tegen zegt). Ik schreef al in Boek 1: we zijn allemaal ‘scanners’, allemaal, de hele dag door – en het meeste daarvan gebeurt onder de motorkap – je hebt er geen benul van – hoe egalitair en fair je ook denkt te zijn! En het is nauwelijks te veranderen.]

1359. – Wat is essentieel voor ‘succes’? Talent, doorzettingsvermogen, leergierigheid, de bereidheid te falen en niet begrepen te worden, onderscheidingsvermogen, geduld, gezonde zelfzucht, hulp én… toeval, oftewel: geluk. Niet al te ziek zijn helpt ook… net als wat te eten, centen, en dat er niet steeds op je geschoten wordt, of dat je niet steeds wordt overvallen enzo. Maar dat snapt u wel.

(Simpeler gesteld: ‘Talent is inborn, but technique is learned.’ – Stephen Fry. Het vergt veel inspanning om ergens goed in te worden zodat het er moeiteloos uitziet (20.000 uur zeg maar). Bijna iedereen wil echter beginnen met die ‘fase’ van moeiteloosheid… dat zijn dus de meer luie, infantiele of middelmatige types die nooit iets wezenlijks of interessants zullen voortbrengen – ‘het’ kost ze allemaal te veel moeite; ze hebben geen werkelijke interesse noch ‘drive’.’)

‘1366. – Doorvoelen. –
‘Ik kom er maar niet bij, ik kom er maar niet doorheen!’ 
Hm…
‘Eh… wat bedoel je met mm?
Ik zei geen mm, ik zei hm – wat hebben jullie toch? Maar goed, dat detail terzijde… Je wil er gewoon vanaf en dat werkt nu eenmaal niet – dat heb ik al honderd keer gezegd en beschreven. Je dient dat wat opkomt – emotie, trauma, residu, frictie, dissonantie – uit te nodigen (!!!) om jou te laten ‘weten’ wat het van je nodig heeft om op te lossen. Wat het van jou wil en nodig heeft om zich te bevrijden. Niet wat jij wil, maar wat hét wil dient te prevaleren! Je dient dat wat in je opkomt de exact juiste ruimte en de juiste soort aandacht te schenken (!) om eindelijk eens te mogen beginnen met oplossen – of minsten haar verhaal eens te mogen doen – als het ware… En da’s iets heel anders dan dat jij gaat zitten bedenken en bepalen wat het is of wil. Waarom zat het er al zo lang? Omdat je uit vrees overweldigd te worden, het steeds in de weg zit en bestrijd en er de baas over wil spelen. Omdat je op gevoelsniveau nog steeds een ‘een kind bent dat z’n zin wil hebben en meent dat het niks kan hebben. 

Die spiri-techniekjes van je, en zeker hoe je ze benut, zijn, als je niet oppast, vooral symptoombestrijding-, vermijding- en controletechnieken! 

Nou, mijn benadering dus niet. Echte Advaita vermijdt niet. Bewustzijn heeft geen weerstand tegen – immer – tijdelijke, en meestal louter geconstrueerde, ervaringen. Als je dit alles niet eerst diepgaand ‘vat’, ga je nooit veranderen of upgraden – en train je steeds hetzelfde: weerstand bieden en niet-open zijn – ego-voeding dus op basis van de weigering bewust (lees: zeer aandachtig) te voelen, denken, kijken en luisteren (naar ‘het onbewuste’), en daar goed de tijd voor te nemen. Dan ben je dus zoals iedereen, maar dan op een spiri-manier, zodat je kunt ‘denken’ goed bezig te zijn. 

So, wake up & feel! Wake up and see! Wake up and listen, for a change. Stop met vechten, vluchten, vermijden en jezelf steeds afleiden. Vooral als je meent of pretendeert met non-dualiteit bezig te zijn! Come on! 

En flikker al die ‘sociale’-media-bullshit, die idiote ‘men’-megafoons, er eens uit, en verwijder die veertienhonderd foto’s eens uit je cloud, junkie! Je wou toch aan het ego voorbij? Ik zal zelden normatief zijn, maar een echte advaitin kijkt volgens mij nog geen uur per maand op z’n telefoontje naar twitter, insta, of fakebook – liefst eigenlijk helemaal niet. Anders ben je knap ge-tik-tokt, naar mijn smaak, en overduidelijk niet ‘bezig’ met wakker worden, maar vooral met bij de tijd (moeten) zijn en ‘niks willen missen’ op kuddeniveau – terwijl je dan dus juist van alles misloopt – dit-hier-nu-zijn bijvoorbeeld of iets echt be- en doorleven of inzien.

Dingen kunnen laten is vaak heilzamer dan dingen doen, vooral in het begin. Tenzij, zoals gezegd in bovenstaande, en elders in mijn werk, je allerlei dingen op de verkeerde manier of het verkeerde moment doet. Dan is het even weinig helpend.

En: die jij waar het je om lijkt te gaan, en die zich zus of zo wil voelen, maar tegelijk niets echt wil voelen of aankijken, is nou net het probleem – bovendien: die oen ben je helemaal niet! Maar je houdt hem wel in stand met al je ‘sociale’ verslavingen, en massamensgewoontes.

(Dit denk ik dan soms, maar dat publiceer ik natuurlijk niet, want dat zou immers mijn verheven compassievolle spiritualisme ondermijnen…).

1395. – Van twee walletjes eten. – Geestig dat sommige spirituelen in een vrije wil willen geloven én in bijvoorbeeld astrologie of bestemming/voorzienigheid. Vanuit de astrologie echter is de mens onderhevig of onderworpen aan allerlei planetaire krachten en wetmatigheden, die hij hooguit een beetje duiden kan, maar wezenlijk niet kan beïnvloeden of veranderen – alles staat immers in de sterren. Het is tamelijk deterministisch. De bottom line van het karma-telraamverhaal is ook al strijdig met de vrije wil. Net als het idee van bestemming, voorzienigheid of gods wil. Toch wil men graag van twee walletjes eten, en blijft men zich verzetten tegen, of klagen over, wat men zelf suggereert te geloven…  
Of men maakt er een dualistisch of-of van: het ligt of vast, of men is vrij. Waarbij het probleem van de vrijheid, zoals ‘dat in de filosofie heet, nooit serieus overdacht wordt.
Mensen zeggen ook graag dat het aan iets anders lag (het lot, zeg maar) als dat het best past in het ik-verhaal (narrative), en dat zij helemaal zelfstandig en uit vrije wil iets besloten of gepresteerd hebben wanneer dat beter uitkomt. Simpel gesteld is dit het schema: ‘slechte’ daden of uitkomsten liggen aan de sterren/omstandigheden/genen/trauma/karma en de ‘goede’ of toffe zijn de eigen verdienste.

En ik? Ik geloof noch in het een noch in het ander. Er is geen vrije wil, noch is alles gedetermineerd of van tevoren bepaald, noch is het echt te duiden of bevatten waarom ‘ik’ precies doe wat ik doe en nalaat wat ik nalaat – het geheel aan stemmingen, invloeden, contingentie (ofwel toevalligheden), werkzaamheden, interacties, biases en ruis, katalyserende effecten, wisselwerkingen, mogelijkheden en geneigdheden uit verleden en heden is veel te gecompliceerd om echt te vatten (met of zonder koffie maakt al een verschil…).

Dat hele valse dualisme tussen determinisme en vrije wil blijft dus vooral bestaan door het ontkennen, of niet meenemen, van fenomenen als het modulaire brein (of: het onbewuste), toeval, setting, interferentie en wisselwerking…

Daaruit volgt dat wanneer Wanneer iemand een verklaring geeft waarom deze dit, en toch niet dat deed, men altijd met een simplificatie en rationalisatie [ofwel zelfrechtvaardiging] achteraf van doen heeft. Er zouden ook zes andere plausibele of minder plausibele, maar feitelijk even incomplete, verhalen over verteld kunnen worden. En het verhaal in kwestie is meestal vooral een soort zelfbeschermingssysteem… een meer of minder verfijnde (sociale) overlevingsstrategie. Want wie zichzelf adequaat kan verantwoorden overleeft. 

(Voor de oplettende lezer: het zijn hooguit de verhaaltjes van de “berijder”, niet eens van de “olifant” – en die laatste is ook al onderhevig aan allerlei invloeden ‘van buitenaf’.’) Samenvattend: iedereen doet nooit wat ie wil, maar vooral wat ie niet laten kan – gegeven de omstandigheden… er is geen vaststaande ‘ik’ of ‘ziel’ die in alle vrijheid aan de knoppen zit. (There is no ‘I’ in mind, zoals de wijzen zagen.). – Is dit verbazingwekkend, sure, als je niks leest en blijft hangen in 17e eeuws ‘denken’, of ‘moderne’ spiri-nonsense (zoals van bijvoorbeeld kastrup, chopra en van lommel en wat dies meer zij – die maar krampachtig in een (persoonlijke) after life en vrije wil blijven geloven en tegelijkertijd toch graag non-duaal willen lijken).

Wie zich afvraagt waar die laatste zinnetjes op slaan, lees mijn boeken eens grondig, vooral de laatste drie! Er valt te lachen en nog meer te leren en ontdekken in dat drieluik als ik zo arrogant mag zijn… fijne dag!

Ja, ik doe mee!